PROGRAMMA COLLOQUIUM PIET VAN EECKHAUT 

Het colloquium handelt over het begrip schuld. Dit begrip wordt benaderd binnen het kader van religie en het kader van justitie. De reden dat de vzw voor het eerste colloquium gekozen heeft voor een rechtsfilosofisch onderwerp wordt geduid op de speciaal daartoe opgerichte website.

Het begrip schuld heeft, hoe dan ook, een religieuze oorsprong. 

De eerste spreker, professor Rik Torfs, schetst dit. Eerst komt er een uiteenzetting over de historiek en de (evolutie van de) betekenis van het begrip schuld. Daarna volgt duiding over de mate waarin dit begrip doorgedrongen is in onze (Westerse) rechtsorde. Tenslotte wordt er over de grenzen van religies heen gekeken. Het concept schuld(gevoel) dat zo essentieel is binnen het Christendom ("mea culpa, mea maxima culpa")...hoe wordt dit ingevuld in andere religies? 

De diverse wijzen van benadering en invulling van het begrip schuld(inzicht en -gevoel) binnen de onderscheiden geloofsovertuigingen, en de eventuele impact daarvan op het strafproces, komen daarna terug aan bod bij het panelgesprek.

De tweede spreker, professor Etienne Vermeersch, neemt dan de rechtsfilosofische kant van het begrip schuld voor zijn rekening. Zijn deel past in de recente discussies over de vraag of de vrije wil al dan niet bestaat en welke conclusies daarover eventueel te trekken (of niet te trekken) zijn in de straf(uitvoering). In het licht van de laatste neurowetenschappelijke inzichten heerst binnen de (straf)rechtspraktijk grote belangstelling daarvoor.

Als men er immers van uitgaat dat elk crimineel gedrag zijn wortels vindt in biologische en neurologische processen waar de mens in wezen geen vat op heeft, en waardoor hij gedetermineerd wordt, dan moet er op een gans andere manier naar de bestraffing (en preventie) ervan gekeken worden. In de Scandinavische landen geldt een heel ander rechtsmodel dan vandaag in België, waardoor het debat ook een rechtsvergelijkende dimensie kent.  

Afstappen van de klassieke inschatting van (juridische) verantwoordelijkheid, beloning en straf vergt een revolutionaire omslag in het (ethisch en juridisch) denken. Panellid professor Jan Verplaetse pleit daarvoor.

Zowel ethisch als juridisch hebben we echter geleerd dat (verregaande) schending van de regels tot (zware) bestraffing leidt. Afwijkingen van dat patroon (het kwade wordt niet bestraft en het goede wordt niet beloond) hebben een storing van ons verwachtingspatroon tot gevolg die we met de naam “onrechtvaardigheid” aanduiden. Zowel voor onszelf als voor anderen hebben we de verwachting dat “recht geschiedt”. 

Dat al deze processen een fysische en door bepaalde factoren gedetermineerde grondslag hebben, verandert aan deze verwachtingspatronen en deze terminologie van recht of onrecht niets. Dat is althans de visie van spreker professor Etienne Vermeersch.

 

In het panelgesprek is het de bedoeling dieper in te gaan op de praktijk. Na het wat meer abstracte deel, de concretisering daarvan op het terrein. Hoe beoordeelt een rechter schuld, maar dan ruimer dan de louter materieelrechterlijke dimensie (die over de constitutieve bestanddelen handelt) of psychiatrische dimensie (die over toerekeningsvatbaarheid handelt)? Is een volledig nieuwe benadering van het begrip schuld (strafrechtelijke verantwoordelijkheid) wenselijk? 

In welke mate beïnvloedt de geloofsovertuiging van een verdachte zijn houding t.a.v. de door hem gepleegde feiten? Is het niet zo dat bv. moslims ontkenningsgedrag vertonen en dat dit zijn wortels heeft in hun geloof terwijl iemand die christelijk (opgevoed) is veel vlugger schuld zal bekennen?

Nu een bekentenis in de strafrechtspraktijk van wezenlijk belang is (aangezien onze Westerse rechtsopvatting ervan uitgaat dat een beklaagde die bekent over een zeker schuldinzicht beschikt hetgeen het risico op recidive verkleint terwijl iemand die halsstarrig ontkent niet eens lijkt in te zien dat hij een fout heeft gemaakt waardoor de kans dat hij diezelfde fout opnieuw zal maken groter wordt geacht), dringt een debat daarover zich op.  

Hebben magistraten effectief de indruk dat de hoger gestelde tweedeling in de praktijk bestaat? Gaan strafrechters er inderdaad vanuit dat een ontkennende houding per definitie betekent dat de beklaagde geen spijt en/of schuldinzicht heeft? Houden zij daarbij rekening met de geloofsovertuigingen en de religieuze achtergrond/opvoeding van de beklaagde? 

In het panel zetelt Annemie Serlippens, lang parketmagistraat geweest en sinds kort benoemd als onderzoeksrechter te Gent. Ook professor Jan Verplaetse, filosoof en neurowetenschapper, zetelt in het panel. Zijn boek "het morele instinct" (2008) werd bekroond met de NWO Eureka Boekenprijs. Hij is tevens auteur van tal van andere boeken, waaronder "zonder vrije wil" (een filosofisch essay over verantwoordelijkheid). Zoals hoger geschetst staat zijn visie haaks op deze van professor Vermeersch (die, net zoals professor Torfs, na zijn uiteenzetting plaats neemt in het panel) waardoor zij de intellectuele degens zullen kunnen kruisen.

 

 

Gent, 18 april 2016.

Vzw Piet VAN EECKHAUT.